Een bijzondere herdenking aan de Weinterp

Het was in veel opzichten een bijzondere herdenking gisteravond aan de Weinterp.

Bijzonder vanwege het vredige voorjaarsavondzonnetje waarin de vogels zich van de stilte niets aantrokken.

Bijzonder omdat we voor het eerst na twee jaar de herdenking weer met elkaar konden beleven in plaats van achter het tv-scherm.

Bijzonder omdat het leek dat zelfs meer mensen naar de Weinterp waren gekomen dan andere jaren.

Bijzonder omdat de herdenking altijd ging over gestorvenen in een oorlog die ver achter ons lag. Een oorlog die nu opeens dichterbij wordt gevoerd dan wij ooit hadden kunnen bedenken.

Bijzonder omdat de krans die altijd werd gelegd door basisschoolleerlingen van It Twâspan en van Votum Nostrum, dit jaar voor het eerst werd gelegd door twee leerlingen van Skoale de Sinnewiser: Björn Meierhof en Anyk de Vries.

Bijzonder ook door het prachtige gedicht ‘De tijd’ dat met helderde stem werd voorgedragen door Rixt Heida:

Met trillende handen
En knikkende knieën
Een voelbare angst
In die donkere nacht
Ik kan me niet voorstellen
Hoe mensen zich voelden
Ik kan me niet voorstellen
Hoe het geweest moet zijn
Iedereen bij elkaar
Luisterend naar de schoten
Hopend dat ze weg zouden gaan
Hopend dat ze zouden ontwaken
Uit deze nachtmerrie
Hopend dat alles
Weer als vroeger zou zijn
Ik kan me niet voorstellen
Hoe dat geweest moet zijn
Ik kan het proberen te begrijpen
Maar het echt begrijpen Dat kan ik nooit

En ook bijzonder tenslotte doordat, na de twee minuten stilte, Geert van der Sluis stilstond bij het verhaal over het graf waar we met z’n allen omheen stonden. Het verhaal van de broers Welfing.

De broers Jan (1920) en Jentje (1924) en hun zus Wietske (1929) groeiden op in de slagerij in Hemrik. Ze komen de oorlog redelijk door . De laatste jaren is Jan actief in het verzet. Samen met vrienden uit Duurswoude, Wijnjeterp, Hemrik en Lippenhuizen hebben ze heel wat risicovolle acties ondernomen. Op 14 april 1945, dus vlak voor de bevrijding, werd de bijna 25 jarige Jan tijdens een actie door de Duitsers doodgeschoten bij Ureterp.

Jan deelt zijn graf met zijn jongere broer Jentje, die 5 maanden eerder, op de vlucht voor de Duitsers, in pikkedonker met zijn fiets in de vaart belandde en verdronk. Hij was vanuit Hemrik op weg naar een onderduikadres bij een boer in Terwispel. Na de verdrinking van Jentje kochten zijn ouders drie graven aan de Weinterp. Zo zouden zijn naast hun zoon begraven kunnen worden. Echter niet zij, maar hun oudste zoon Jan werd 5 maanden later naast Jentje in hetzelfde graf gelegd.

Na de oorlog heeft stichting ’40 – ’45 het initiatief genomen om op elk graf van een verzetsheld een monument te plaatsen. Dat waren houten kruizen. Daar kwamen de overlevende verzetsvrienden jaarlijks bijeen om hun krans te leggen. Ze stonden dan in stilte om het graf onder klokgelui.
Later heeft de Friese afdeling de houten kruizen vervangen door de gedenknaald zoals we die nu kennen. Zo’n zelfde monument staat op veel Friese begraafplaatsen waaronder ook die in Ureterp en Bakkeveen.

De eerste jaren na de oorlog kwamen nog maar weinig mensen naar het monument om de oorlogsslachtoffers te gedenken. Later deden de scholen mee en kwamen steeds meer mensen de sobere herdenking bijwonen. Toen Plaatselijk Belang de dodenherdenking ging organiseren, werd ook de muziekvereniging betrokken. De stilte en het klokgelui zijn er nog steeds op 4 mei.
Ter nagedachtenis aan het verzetswerk van de vriendengroep zijn de straatnamen Welfing, Noorman, Te Nijenhuis en Meester Geerts niet meer uit Wijnjewoude weg te denken.

Deel dit bericht

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.